STER Opleidingen organiseert
(GEÏNTEGREERDE)
COGNITIEVE
GEDRAGSTHERAPIE
VERVOLGCURSUS 01-12
Hoofddocenten:
Drs Erik ten
Broeke
Drs Steven Meijer
VERVOLGCURSUS
COGNITIEVE GEDRAGSTHERAPIE
Groep: 01
Omvang cursus: De cursus omvat 15 bijeenkomsten
van 6 uur en 45 minuten exclusief pauze
Urenverdeling: 100 contacturen en 300 werkuren
Data: 30
augustus, 20 september, 27 september, 11 oktober, 25 oktober, 2 november, 8
november, 16 november, 23 november, 30 november, 14 december, 21 december, 18
januari 2013, 25 januari, 1 februari en 8 februari (voorlopige data)
Tijden: 09:30 uur
tot 16:45 uur (inclusief 30 minuten pauze)
Lunch: De lunch wordt verzorgd door de organisatie.
Plaats: Ster Opleidingen, Veenweg 1b, 7416 BA
Deventer
Hoofddocenten:
drs.
S.B. Meijer
Gz-psycholoog,
klinisch psycholoog, psychotherapeut, gedragstherapeut/supervisor/leertherapeut/opleider
(VGCT).
Drs.
Erik ten Broeke, Gz-psycholoog,
klinisch psycholoog, psychotherapeut, gedragstherapeut/supervisor/leertherapeut/opleider
(VGCT).
Projectcoördinator:
Beoordeling: Men heeft de cursus met goed gevolg
doorlopen wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:
·
Maximaal 10% van de
contacttijd is verzuimd. In dat geval kan worden volstaan met het inhalen van
de voor de verzuimde uren opgegeven huiswerkopdrachten. Wanneer meer dan 10%
van de contacttijd, maar minder dan 20% van de contacttijd is verzuimd
moeten bovendien extra opdrachten worden uitgevoerd ter compensatie van de
gemiste uren.
Wanneer
meer dan 20% van de contacttijd is verzuimd moeten de gemiste bijeenkomsten
worden ingehaald in een andere cursus, uiteraard tegen extra betaling. Pas na
het inhalen mag, wanneer aan de andere voorwaarden is voldaan, een verklaring
van geslaagd zijn worden afgegeven. Gemiste sessies moeten binnen een jaar
na het einde van de cursus zijn ingehaald;
• Geslaagd zijn voor een schriftelijk toets waarin over
relevante aspecten van de tijdens de cursus behandelde lesstof wordt getentamineerd;
• Geschikt zijn voor voortzetting van de opleiding tot
gedragstherapeut zoals is gebleken uit inbreng en opstelling tijdens de cursus.
Toetsing: Aanwezigheid
100%
Actieve
participatie bij opdrachten
Tentamen
Groepsopdracht
Inhaalopdracht: Door
projectcoördinator i.o.m. hoofddocent
Filosofie en doelstelling van de cursus
Uit
veel onderzoek is onmiskenbaar naar voren gekomen dat in veel gevallen een
protocollaire behandeling uit een oogpunt van efficiëntie en effectiviteit de
voorkeur verdient boven een maatbehandeling. Tegelijkertijd is duidelijk dat
(lang) niet alle patiënten (voldoende) opknappen van een protocollaire
behandeling, dat er soms complicaties optreden in de behandeling en dat er
(nog) niet voor alle stoornissen een wetenschappelijk gefundeerde protocollaire
behandeling voorhanden is. Kennis en kunde op het gebied van probleemtaxatie en
het ontwerpen van een geïndividualiseerd behandelplan blijft voorlopig dan ook
noodzakelijk in de (cognitief-gedragstherapeutische) praktijk. De cursus heeft
dan ook als uitgangspunt dat protocollaire behandeling en maatbehandelingen
elkaar niet uitsluiten maar kunnen en moeten aanvullen. De rode draad in en de
doelstelling van de cursus is dan ook dat de cursisten 1) de vaardigheden leren
die nodig zijn een protocollaire behandeling adequaat uit voeren en 2) in
voorkomende gevallen het behandelplan zodanig kunnen aanpassen en een
(deel)behandeling op maat kunnen ontwerpen en uitvoeren. De nadruk in de cursus
ligt uitdrukkelijk meer op training van vaardigheden dan op discussie en/of min
of meer passieve kennisoverdracht.
Het
nivo van de training is conform de fase waarin de cursisten zich bevinden in
hun ontwikkeling tot gedragstherapeut;
op het nivo van een vervolgcursus.wz. Dat betekent dat zowel de
taxatievaardigheden als de interventievaardigheden worden geleerd/getraind en
worden beoordeeld op vervolgniveau.
Algemene structuur van de bijeenkomsten
1.
Uitwisselen
van ervaringen met CGt in ‘intervisiegroepjes’ (wanneer de
specifieke stoornissen worden besproken bereidt iedere deelnemer een casus voor
met deze stoornis waarin er problemen ondervonden worden. De casus moet bestaan
uit klachtenbeschrijving en een taxatie (FA’s en BA’s) +
behandelplan)
2.
Presentatie
van een casus bij toerbeurt voorbereid door 1 cursist m.b.v. een videofragment
(nadere afspraken worden gemaakt tijdens de eerste bijeenkomst; zie ook de
beschrijving onder ‘toetsing’)
3.
Toetsing
door 1) schriftelijke toetsen en 2) ‘onverwachte’ vragen door de
docent
4.
Consultatie
van de docent (maximaal 20 minuten)
5.
Rollenspel/oefening/video
6.
Nabespreken
rollenspel/oefening
7.
Rollenspel/oefening/video
8.
Nabespreken
9.
Huiswerkafspraken
Consultatie
Bij iedere
bijeenkomst is de gelegenheid de docent te consulteren ten aanzien van
(problemen bij) lopende of nieuwe behandelingen. Hiervoor wordt maximaal 20
minuten uitgetrokken.
Toetsing
1) Kennis
wordt getoetst aan de hand van ‘onverwachte’ mondelinge vragen over
de literatuur en/of geleerde vaardigheden de docent aan één of meer cursisten
aan het begin van de bijeenkomst (antwoorden worden beoordeeld en geregistreerd).
2)
Iedere cursist presenteert tenminste bij
één bijeenkomst een casus waarbij a) de diagnostische afwegingen (DSM-IV;
FA/BA) worden gepresenteerd, b) een beargumenteerd behandelplan (protocollair versus
maatbehandeling) en c) een videofragment van een gesprek met de
desbetreffende patiënt wordt getoond.
Tijdens de
eerste bijeenkomst worden afspraken gemaakt over de verdeling van de
onderwerpen van de videofragmenten:
-
Uitleg model/taxatie
-
Gedachterapport
-
Gedragexperiment/exposure in vivo
-
Overige interventies bij verschillende
stoornissen
3)
Schriftelijk meerkeuzetoets (met eventueel
open vragen).
4)
Iedere
cursist dient na aanvang van de cursus zo snel mogelijk een casus te selecteren
uit zijn of haar caseload die gebruikt kan worden voor het eindverslag, dat
gemaakt moet worden in de loop van de cursus. De richtlijnen waaraan het
verslag dient te voldoen worden in de volgende paragraaf gegeven. Het
casusverslag wordt uiterlijk tijdens de laatste bijeenkomst in tweevoud
ingeleverd. Ieder verslag zal door 2 docenten beoordeeld worden. De verslagen
worden binnen 1 maand na de laatste bijeenkomst, voorzien van schriftelijk
commentaar, aan de cursisten geretourneerd. De te geven beoordelingen zullen
zijn: onvoldoende, voldoende en goed. Bij een onvoldoende beoordeling zal de
cursist, op geleide van het commentaar van de docenten, de kans geboden worden
het verslag aan te passen, waarna het opnieuw beoordeeld zal worden. Mocht het
verslag wederom als onvoldoende worden beoordeeld dan is de cursist niet
geslaagd voor deze cursus en is het aan de hoofdopleider te oordelen over de
voortgang van betreffende cursist in de opleiding.
5)
Groepspresentatie
op de laatste cursusdag (nader instructies en afspraken op de eerste cursusdag)
1. Klachten;
2. DSM-IV;
3. Anamnese;
4. Fasen en aangrijpingspunten
5. FA’s en BA’s;
6. Overwegingen m.b.t. standaard
versus maatbehandeling;
7. Videofragment (ca. 5 minuten):
Instructies voor de “N=1”
Het uitgangspunt is een N=1
verslag van maximaal 3000 woorden.
In het verslag dienen de volgende onderwerpen, bij voorkeur in de hierna
gegeven volgorde, uitgewerkt worden:
1. Beschrijving
van relevante gegevens over de patiënt/cliënt en zijn/haar problematiek:
a. Leeftijd,
geslacht, socio-demografische gegevens, reden voor verwijzing, omschrijving van
de klacht(en), duur en beloop van de klachten, eventuele aanleiding, eventuele
eerdere behandeling en resultaat daarvan.
b. DSM-IV
classificatie
c. (Indien
nodig) Holistische theorie
d. Functie-analyse(s)
en/of betekenis-analyse(s)
e. Beschrijvende
diagnose, differentiaal diagnostische overwegingen.
d. Beargumenteer
je behandelplan/beslissingen/keuzes (besteed met name aandacht aan de afweging
protocollair versus maatbehandeling)
2. Verloop
van de behandeling. Beschrijf:
a. Het
therapeutisch proces. Laat hierin duidelijk naar voren komen hoe je te werk
bent gegaan (welke interventies, resultaten daarvan), de moeilijkheden die je
tegen kwam en hoe je die oploste.
b. De
therapeutische relatie. Hoe verloopt het contact? Hoe ga je ermee om?
c. Veranderingen
in het therapieplan of het therapeutisch proces.
d. De
afronding en resultaten van de behandeling.
3. Evaluatie
van de behandeling met kritische beschouwing:
a. Wat
is je eigen evaluatie van de behandeling?
b. Wat
heb je geleerd met betrekking tot de relatie van praktijk en theorie van
behandeling?
c. Wat
heb je over jezelf geleerd (wat waren je zwakke en wat je sterke kanten)?
d. Welke
rol heeft de supervisie hierbij gespeeld?
e. Zou
je een volgende keer de behandeling anders doen? Zou je andere keuzes maken?
Welke en waarom?
Inleidingen
en praktische oefeningen
Korte inleidingen bij de thema’s
omvatten een uiteenzetting over verschijningsvormen/symptomen, leertheoretische
verklaringen, betekenis en functieanalyses en mogelijkheden van behandeling.
Tijdens de cursus ligt het accent sterk op
het in de praktijk (via rollenspelen aan de hand van door de docent en door de
cursisten zelf ingebrachte casuïstiek) oefenen met probleemanalyses en
interventies.
Boeken
Bekend
verondersteld:
-
Orlemans, J.W.G., Eelen, P. & Hermans,
D. (1995). Inleiding tot de gedragstherapie. Vijfde druk. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
-
Beck, J. (1995). Basisboek Cognitieve Therapie.
Baarn: Intro.
Aan te schaffen boeken:
-
Keijsers, G.P.J., van Minnen, A. &
Hoogduin, C.A.L. (red.) (2011!!). Protocollaire Behandelingen in de
Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg I Amsterdam: Boom
-
Keijsers, G.P.J., van Minnen, A. &
Hoogduin, C.A.L. (red.) (2011). Protocollaire Behandelingen in de Ambulante Geestelijke
Gezondheidszorg II Amsterdam: Boom
-
Ten Broeke, e.a. (2008). Basisvaardigheden cognitieve therapie.
Amsterdam: Boom.
ISBN 978.90.8506.599.9
-
Korrelboom & Ten Broeke (2008). Geïntegreerde cognitieve gedragstherapie:
Handboek voor theorie en praktijk. Muiderberg: Coutinho. ISBN
978.90.6283.346.7
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg: Coutinho. ISBN 978.90.469.0133.5
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).Oxford Guide to
Behavioural Experiments in Cognitive Therapy. Oxford:
Oxford Press. ISBN 0-19-852916-3 (of de Nederlandse vertaling daarvan)
Capita
selecta
Een map met capita selecta wordt aan de
deelnemers ter beschikking gesteld bij aanvang van de cursus:
Kopie: Meijer e.a. (2005). Het
gedachteschema in cognitieve gedragstherapie. Van BANG naar ENG. Tijdschrift
voor Psychotherapie, 31, 205-224.
Kopie: Beck. J.S. (2005). Cogntive
Therapy for Challenging Problems: What to do when the basics don’t work.
Kopie: Hout, M., van den &
Merckelbach, H. (1993). Over Exposure. Directieve therapie, 13[s.b.M1] , 192-204.
Kopie: Craske, M.G., et al. (2008).
Optimizing inhibitory learning during exposure therapy. Behaviour Research and Therapy, 46, 5-27
Kopie: Wells, A. (2003). Anxiety Disorders, Metacognition,
and change. In: R.L. Leahy (ed.). Roadblocks in Cognitive-Behavioral Therapy. New
York: The Quilford Press.
Kopie: Boelen, P.A. (2001).
‘Ik denk het dus ik zal het doen’. Cognitieve gedragstherapie bij
een jongeman met obsessies. Gedragstherapie, 34 (2) (pg. 111 –132)
Kopie:
Arts, W. (1999). Cognitieve therapie van obsessies.
Twee gevalsbeschrijvingen. Dth, 19 (pg. 107 –119)
Kopie: Haan, E. de &
Verbraak, M. (1993). Exposure voor dwanggedachten, Dth, 13 (pg. 49 –56[s.b.M2] )
Kopie: De Jongh, A. & Ten Broeke, E.
(2005). Eye Movement Desensitization and Reprocessing. In: B.P.R. Gersons & M. Olff
(red.), Behandelingsstrategieën bij posttraumatische stressstoornissen. Houten:
CCd.
Kopie: Hermans, D. &
Putte, J. van de (2004). Cognitieve gedragstherapie bij depressie. Praktijkreeks gedragstherapie. Houten:
Bohn Stafleu Van Loghum. Hoofdstuk 1,
2, 3, 4 (pg. 7 – 119.
Kopie: Needleman, L.
Cognitive Case Conceptulization: A Guidebook for Practitioners. Londen:
Lawrence Erlbaum: Hoofdstuk 8.
Kopie: Beck, A. T. e.a. (2004). Cognitive
therapy of personality disorders (second edition),
Kopie: Schaap
e.a. (1993). The therapeutic relationship in behavioural
psychotherapy.
Kopie: Heiden, van der, C., Poppe, M., Stigter de, E., & Stolk, E. (2007). Metacognitieve therapie bij de gegeneraliseerde
angststoornis. Utrecht: BSL (Hoofdstuk 1: Metacognities en gegeneraliseeerde angst:
theorie en behandeling)
Kopie: Heiden van der, E., & Ten Broeke, E. (2005).
Pieker-exposure: wat is het en hoe pas je het toe? Gedragstherapie, 38, 193-205[s.b.M3] .
In
principe dient de opgegeven literatuur te worden bestudeerd. Enkele maken wordt
expliciet aangegeven dat de literatuur ‘slechts’ behoeft te worden
gelezen.
Een cursus in twee delen.
De
cursus valt in feite uiteen in een deel (herhaling basis en vooral
geavanceerde) vaardigheden en een deel (toepassing van deze vaardigheden bij)
specifieke stoornissen. Het eerste deel omvat 4 bijeenkomsten; het tweede deel
derhalve 10 bijeenkomsten.
Uitgangspunt bij iedere
bijeenkomst is dat de cursisten reeds (dienen te) beschikken over
(basis)vaardigheden m.b.t. taxatie en interventie(s). Het nivo van de
besprekingen, demonstraties en oefeningen wordt daarop aangepast.
ZITTING 1
Datum: 30-8-2012
Tijd: 09.30
– 16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen,
locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Probleemtaxatie
Bekend verondersteld:
-
Kopie: Ten Broeke & Korrelboom
(2004). Bezint eer ge begint. Gedragstherapie
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
1: Uitgangspunten en contouren
-
Ten Broeke, e.a. (2008). Basisvaardigheden cognitieve therapie.
Amsterdam: Boom. Hoofdstuk 3.
Vooraf bestuderen:
-
Korrelboom & Ten Broeke (2008). Geïntegreerde cognitieve gedragstherapie:
Handboek voor theorie en praktijk. Muiderberg: Coutinho. Hoofdstukken 7, 9 en 10
Programma:
over
een casuspresentatie aan de hand van
videofragment
1) Beschrijf de probleemtaxatie
(analyses) + behandelplan + voorgenomen eerste huiswerkopdrachten (bijvoorbeeld
registratie) van een eigen patiënt, omkleed met redenen en argumenten (in
vijfvoud meenemen[s.b.M4] );
2) 1 cursist bereidt een casus voor
aan de hand van een videofragment (zie algemene toelichting).
NB: opdracht 2 geldt voor iedere volgende bijeenkomst!
ZITTING 2
Datum: 20-9
Tijd: 09.30
– 16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Van probleemtaxatie
naar interventie: wat doe je wanneer (en met welk doel)?
Bekend verondersteld:
Korrelboom & Ten Broeke (2008). Geïntegreerde cognitieve gedragstherapie:
Handboek voor theorie en praktijk. Muiderberg: Coutinho. Hoofdstuk 7, 11,
12, 13 en 14
Vooraf bestuderen:
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
2: Psychologische behandelingen volgens een protocol
Programma:
Protocollair?
Protocollair met aanvullingen?
Protocollair met aanvullingen en
weglatingen?
Een volledige maatbehandeling?
1) toepassen geleerde vaardigheden;
2) Selecteer (een) patiënt(en)
waarmee je een CR zou willen doen/doet[s.b.M5] ;
3) Welke moeilijkheden kom je tegen?.
ZITTING 3
Datum: 27-9
Tijd: 09.30
– 16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Training van
vaardigheden: Socratisch dialoog en gedachteschema bij complexe problematiek
Vooraf bestuderen:
-
De
basisvaardigheden, Ten Broeke e.a. (2008): Hoofdstuk 4
-
Kopie: Meijer e.a. (2005). Het
gedachteschema in cognitieve gedragstherapie. Van BANG naar ENG. Tijdschrift
voor Psychotherapie, 31, 205-224
-
Kopie:
Beck. J.S. (2005). Cogintive Therapy for Challenging Problems: What to do when
the basics don’t work.
Lezen:
Korrelboom & Ten
Broeke (2008). Geïntegreerde cognitieve
gedragstherapie: Handboek voor theorie en praktijk. Muiderberg: Coutinho. Hoofdstuk 15
Programma:
-
Consultatie
ZITTING 4
Datum: 27-9
Tijd: 09.30
– 16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Vervolgtraining van
vaardigheden: gedragsexperimenten bij kernopvattingen & de toepassing van
exposure
in vivo bij complexe angststoornissen en therapie-resistente
(angst)stoornissen.
Bekend verondersteld:
-
De
basisvaardigheden, Ten Broeke e.a. (2008): Hoofdstuk 5
-
Kopie: Hout, M., van den &
Merckelbach, H. (1993). Over Exposure. Directieve therapie, 13,
192-204
Vooraf bestuderen:
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).Oxford Guide to
Behavioural Experiments in Cognitive Therapy.
Oxford: Oxford
Press. Hoofdstuk 1 en
2
-
Kopie:
Craske, M.G., et al. (2008).
Optimizing inhibitory learning during exposure therapy. Behaviour Research and Therapy, 46, 5-27
Programma:
-
Consultatie
2.
Selecteer
een behandeling van een paniekpatiënt die niet ‘zomaar’ volgens
protocol liep;
3.
Registreer
problemen (problematische situaties (CS), emotioneel (CR), gedrag (R)) op je
eigen werk (met patiënten, met collega’s, enz.).
ZITTING 5
Datum: 11-10
Tijd: 09.30
– 16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Paniekstoornis met
agorafobie: nieuwe inzichten rond het paniekstoornissen protocol
Bekend verondersteld:
Keijsers e.a. (2011, deel I): Hoofdstuk 2
Vooraf bestuderen:
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).
Oxford: Oxford
Press. Hoofdstuk 3
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
5: Paniekstoornis met agorafobie
-
Steven Meijer
en Erik ten Broeke (2011) invitatie tot een revisie.
Tijdschrift voor gedragstherapie sept 2011
Programma:
-
Consultatie
-
Bespreking:
behandeling van angststoornissen, protocollair versus maatbehandeling,
kritische doorlichting van het fobie-protocol n.a.v. de nieuwste inzichten.
-
Intervisie:
bespreking van casuïstiek van cursisten (zie huiswerk vorige bijeenkomst)
-
Oefening
voor de groep: Opbouw paniekcirkel (eventueel video Padesky)
-
Oefening:
Interoceptieve exposure
-
Korte
bespreking: Uitdagingstrategieën bij panicogene cognities
-
Oefening:
geavanceerde uitdaging van panicogene cognities
-
Taxatie
van en interventie bij ‘referentiële paniek’
-
Oefening
in tweetallen
-
Vorming
van drietallen voor ‘eigen therapie’
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
3.
Selecteer
een behandeling van een sociale patiënt die niet ‘zomaar’ volgens
protocol liep.
ZITTING 6
Datum: 25-10
Tijd: 09.30
– 16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: (Gegeneraliseerde) Sociale
fobie en zelfbeeldproblematiek
-
Keijsers e.a. (2011, deel 1): Hoofdstuk 5
-
Kopie:
Bögels, S.M. & Oppen, P. van (red.) (1999).
Hoofdstuk 7
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).Oxford Guide to
Behavioural Experiments in Cognitive Therapy.
Oxford: Oxford
Press. Hoofdstuk 7
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
4: Sociale angststoornis
-
Kopie: Wells, A. (2003). Anxiety Disorders, Metacognition,
and change. In: R.L. Leahy (ed.). Roadblocks in Cognitive-Behavioral Therapy.
Programma:
-
Consultatie
-
Theorie van sociale angst &
zelfbeeldproblematiek
-
Demonstructie: identificatie en
Socratische uitdaging anxiogene cognitie(s)
-
Oefening in tweetallen
-
Opstellen van gedragsexperimenten bij
sociaal fobici: oefening in subgroepen
-
Inleiding: sociale angst en negatief
zelfbeeld: taxatie en interventie
-
Eventueel: meerdimensionaal evalueren bij
sociale angst
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
3.
Selecteer
een behandeling van een OCS-patiënt die niet ‘zomaar’ volgens
protocol liep.
ZITTING 7
Datum: 02-11
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Obsessieve
compulsieve stoornis
Bekend verondersteld:
Keijsers e.a.
(2011, deel I): Hoofdstuk 3
Vooraf lezen:
-
Kopie:
Boelen, P.A. (2001). ‘Ik denk het dus ik zal het
doen’. Cognitieve gedragstherapie bij een jongeman met obsessies. Gedragstherapie,
34 (2) (pg. 111 –132)
-
Kopie:
Arts, W. (1999). Cognitieve therapie van obsessies.
Twee gevalsbeschrijvingen. Dth, 19 (pg. 107 –119)
-
Kopie:
Haan, E. de & Verbraak, M. (1993). Exposure voor
dwanggedachten, Dth, 13 (pg. 49
–56)
Bestuderen:
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).Oxford Guide to
Behavioural Experiments in Cognitive Therapy.
Oxford: Oxford
Press. Hoofdstuk 5
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
6: Obsessieve-compulsieve stoornis[s.b.M8]
Programma:
-
Consultatie
-
Bespreking:
behandeling van OCS: protocollair versus maatbehandeling
Theoretische modellen van OCS (o.a
de (relatief onbelangrijke rol van spanningsreductie als bekrachtiger)
FA’s
en BA’s bij OCS: TAF, TEF, M-TAF
-
Video
OCS
-
Analyses
opstellen van de patiënten uit programma
-
Oefening:
ontwikkelen en presenteren van exposure + responspreventie programma
-
Oefening
voor de groep: Uitdagen van disfunctionele cognities & disfunctionele
cognitieve fouten (kanstaxatie, inschatting van verantwoordelijkheid. TAF, TEF
en M-TAF))
-
Oefening
in tweetallen
-
Oefening:
gedragsexperimenten bij OCS
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
3.
Selecteer
een behandeling van een PTSS-patiënt die niet ‘zomaar’ volgens
protocol liep.
ZITTING 8
Datum: 8-11
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: (complexe) Posttraumatische stressstoornis, type
1 en type 2 trauma
Kopie: De Jongh, A. & Ten Broeke, E.
(2005). Eye Movement Desensitization and Reprocessing. In: B.P.R. Gersons & M. Olff
(red.), Behandelingsstrategieën bij posttraumatische stressstoornissen. Houten:
CCd
Bekend verondersteld:
Keijsers e.a. (2011, deel i): Hoofdstuk 6
Vooraf bestuderen:
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).Oxford Guide to
Behavioural Experiments in Cognitive Therapy.
Oxford: Oxford
Press. Hoofdstuk 9
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
11: Posstraumatische stressstoornis
Programma:
-
Consultatie
-
Inleiding over PTSS en anders aan
traumagerelateerde angststoornissen
-
Diagnostiek en taxatie van PTSS:
’Gewone’ PTSS – Complexe PTSS
-
Fasenmodel bij de behandeling van
(complexe) PTSS
-
Demonstructie: selectie van traumatische
kernopvattingen
-
Oefening voor de groep: selectie van
traumatische kernopvattingen
-
Oefenen in tweetallen: selectie van
traumatische kernopvattingen
-
Gedragsexperimenten bij PTSS
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
3.
Selecteer
een behandeling van een depressieve patiënt die niet ‘zomaar’
volgens protocol liep.
ZITTING 9
Datum: 16-11
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Stemmingsstoornissen &
recidiverende depressies
-
Keijsers
e.a. (2011, deel I): Hoofdstuk 8,9,10
-
Kopie:
Hermans, D. & Putte, J. van de (2004). Cognitieve
gedragstherapie bij depressie. Praktijkreeks gedragstherapie. Houten: BSL. Hoofdstuk 1, 2, 3, 4 (pg. 7-119)
-
-
Kopie: Needleman, Cognitive Case Conceptulization: A
Guidebook for Practitioners. Londen: Lawrence Erlbaum:
Hoofdstuk 8
-
Kopie:
Leahy, R.L. (2003). Emotional Schema’s and Resistance. In: R.L. Leahy (ed.). Roadblocks in
Cognitive-Behavioral Therapy.
-
Bennett-Levy,
J., e.a. (2004).Oxford Guide to
Behavioural Experiments in Cognitive Therapy.
Oxford:
Oxford Press. Hoofdstuk
10
Programma:
-
Consultatie
-
Taxatie van depressie: protocollair versus
maatbehandeling, terugval preventie bij recidiverende depressie (Bockting 2011)
-
Oefening: uitleg rationale van de
behandeling 1: operante therapie
-
Oefenen in tweetallen: uitleg operante
model aan de patiënt
-
Plenaire terugkoppeling
-
Oefening voor groep: Socratische dialoog
bij een passieve patiënt
-
Oefening: rationale van de behandeling 2:
cognitieve therapie
-
Oefenen in tweetallen
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
ZITTING 10
Datum: 23-11
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Eetstoornissen
Vooraf
bestuderen[s.b.M10] :
Keijers e.a. (2011) deel I, h 13
Programma:
-
Consultatie
-
Inleiding: eetstoornissen
-
Oefening voor de groep: Socratische
dialoog bij een A.N- patiënt n.a.v. een
Gedachteschema/Identificatie
van ondermijnende cognities
-
Oefening
voor de groep en in tweetallen: Socratische verleiding van een (eetstoornis-)patiënt
tot gedragsverandering
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
3.
Selecteer
één of meer huidige of voorgaande in interactioneel opzicht problematische
patiënten (bijvoorkeur een patiënt met persoonlijkheidspathologie).
ZITTING 11
Datum: 30-11
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Therapeutische
relatie in de omgang met patiënten met persoonlijkheidsproblematiek c.q persoonlijkheidstrekken
-
Kopie:
Beck, A. T. e.a. (2004). Cognitive
therapy of personality disorders (second edition),
-
Kopie:
Schaap e.a. (1993). The
therapeutic relationship in behavioural psychotherapy.
-
Kopie: Stevens, C.L., Muran, J.C., &
Safran, J.D. (2003). Obstacles or Opportunities?: A
Relational Approach to Negotiating
-
Korrelboom
& Ten Broeke (2004). Handboek GCGt, hoofdstuk 5
-
Ten
Broeke, Korrelboom & Verbraak (2009): hoofdstuk 14 (Meijer, Ten Broeke
& Van den Bosch, Borderline persoonlijkheidsstoornis)
Programma:
-
Inleiding:
omgaan met ‘moeilijke mensen’
-
Fragmenten
van DVD-box SFT
-
Demonstructie
voor de groep: omgaan met ‘moeilijke mensen’
-
Oefenen
in tweetallen: oefening van vaardigheden in het contact met ‘moeilijke
mensen’
-
Interactionele
aspecten van therapie met moeilijke mensen
-
Oefening(en)
en demonstructie n.a.v. casuïstiek van cursisten
-
Consultatie
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
1.
Toepassen
geleerde vaardigheden;
2.
1
cursist maakt een video-opname en selecteert een fragment voor presentatie in
de volgende bijeenkomst.
ZITTING 12
Datum: 14-12
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Persoonlijkheidspathologie:
interventies
-
Kopie:
Beck, A. T. e.a. (2004): Hoofdstuk 4: General
principles and specialized techniques
-
Kopie:
Arntz, A. & Weertman, A. (1999): Treatment of
childhood memories: theory and practice. Behaviour Research and Therapy, 37,
715-740
-
Bennett-Levy
(2004): Hoofdstuk 20
-
Kopie: Korrelboom, C.W. (2000): Versterking
van het zelfbeeld bij patiënten met persoonlijkheidspathologie: 'hot cognitions'
versus 'cold cognitions'. In: Directieve therapie, 20: 282-302
Programma:
-
Consultatie
-
Discussie:
behandeling van As-1 problematiek bij patiënten met persoonlijkheidspathologie
-
Taxatie
van persoonlijkspathologie: leermodel en cognitief model
-
Oefening:
gedragsanalyse van (zeer) problematische gedrag (bijvoorbeeld: automutilatie) +
planning interventie (korte presentatie over Dialectische Gedragstherapie,
Linehan 1993)
-
Fragmenten
uit DVDbox SFT
-
Demonstructie
en oefening: beïnvloeden van kernopvattingen
-
Inleiding:
kennismaking met schema-gerichte therapie (SFt)
-
Videofragmenten
met DVD-box ‘schermgerichte therapie’
-
Oefening in tweetallen: herstructureren
van vroege herinneringen
-
Afsluiting
en bespreken huiswerk:
ZITTING 13
Datum: 21-12
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Specifieke fobieën
& Somatoforme stoornissen
Bekend
verondersteld:
Keijsers
e.a. (2011) deel I h4
Vooraf
bestuderen:
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
8: Specifieke fobieën
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
9: Somatoforme stoornissen.
Programma:
-
Inleiding:
Somatoforme stoornis/hypochondrie
-
Casusconceptualisatie
volgens het ‘gevolgenmodel’
Oefening voor de groep
Oefening in tweetallen
-
Inleiding
specifieke fobieën
Socratische dialoog m.b.t.
‘fobische cognities’
Opstellen en meegeven van exposure
in vivo
4.
Voorbereiden op
‘onverwacht’ rollenspel met medecursist die een patiënt speelt met
een probleem of stoornis zoals in de cursus aan de orde is gekomen.
ZITTING 14
Datum: 18-1
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Gegeneraliseerde
angststoornis
Bekend
verondersteld:
Keijsers
e.a. (2011) deel I h7
Vooraf
lezen:
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Hoofdstuk
3: Gegeneraliseerde angststoornis.
Vooraf
bestuderen:
-
Kopie: Heiden, van der, C., Poppe, M., Stigter de,
E., & Stolk, E. (2007). Metacognitieve therapie bij de gegeneraliseerde angststoornis.
Utrecht: BSL (Hoofdstuk 1: Metacognities en gegeneraliseeerde angst:
theorie en behandeling)
Programma:
-
Consultatie
-
Inleiding:
gegeneraliseerde angststoornis
-
Socratisch
dialoog m.b.t. meta-cognities rond GAS
-
Videofragmenten
meta-cognitieve therapie bij GAS (taxatie en interventie)
Oefening voor de groep
Oefening in tweetallen
ZITTING 15
Datum: 25-1
Tijd: 09.30 –
16.45 uur (pauze van 13.00-13.30 uur)
Locatie: Ster-Opleidingen, locatie Veenweg te Deventer
Onderwerp: Wvttk/integratie/afsluiting
Vooraf
bestuderen:
-
Korrelboom & Ten Broeke (2008). Geïntegreerde cognitieve gedragstherapie:
Handboek voor theorie en praktijk. Muiderberg: Coutinho. Hoofdstuk 16 en 17
-
Ten Broeke,
Korrelboom & Verbraak (red). (2009) Praktijkboek Geïntegreerde Cognitieve Gedragstherapie,
protocollaire behandeling op maat. Muiderberg:
Coutinho. Nawoord;
pagina 427
Programma:
-
Consultatie
-
Rollenspellen voor de groep: integratie
van vaardigheden en toetsing van vaardigheden
-
Evaluatie van de cursus
[s.b.M1]Beetje
te oud misschien
[s.b.M2]Iets
recenters zoeken
[s.b.M3]Wil
jij hier nog even naar kijken of er wat anders kan?
[s.b.M4]Ik
snap eigenlijk niet precies wat hier de bedoeling van is
[s.b.M5]Gaat
het hier om een registratieopdracht?
[s.b.M6]Wat
is dat?
[s.b.M7]Hoe?
[s.b.M8]Ik
denk dat het beter is dit hoofdstuk te vervangen omdat het niet alleen uitgaat
van het model van Wells?
[s.b.M9]Volgens
mij is dit te veel literatuur
[s.b.M10]Ook
nog iets over anorexia?